4 vragen over klimaatadaptatie

Klimaatadaptatie is de laatste jaren een veel gehoorde term als het gaat om maatregelen rondom klimaatverandering. Maar wat betekent het precies? En met welke proactieve maatregelen spelen drinkwaterbedrijven in op klimaatverandering?

Hevige regenbuien klimaatadaptatie

1. Wat is klimaatadaptatie?

Klimaatadaptatie is het aanpassen aan de huidige of toekomstige effecten van klimaatverandering. Denk aan toenemende hoosbuien, langdurige droogte en hogere temperaturen. Doel van deze aanpassingen is om overlast en schade zoveel mogelijk te beperken en waar het kan gevolgen van klimaatverandering efficiënt te benutten.

Voorbeelden zijn opvang, berging en gebruik van regenwater. Of meer groen in de openbare ruimte. Maatregelen kunnen in huis plaatsvinden, lokaal of over provinciegrenzen heen.

2. Welke uitdagingen zijn er voor het drinkwater?

Hogere concentraties verontreinigingen en grotere watervraag

Drinkwaterbedrijven merken op verschillende manieren de gevolgen van klimaatverandering. Langdurige droogte zorgt voor lagere afvoer van rivierwater en daarmee hogere concentraties van verontreinigingen in oppervlaktewater. Daardoor zijn sommige oppervlaktewaterbronnen tijdelijk niet of minder bruikbaar. Bij droogte en hitte is de watervraag ook nog eens extra groot, waardoor grondwaterbedrijven soms meer water moeten onttrekken dan volgens de vergunningen is toegestaan.

Langdurige droogte zorgt voor lagere afvoer van rivierwater en daarmee hogere concentraties van verontreinigingen in oppervlaktewater

Verzilting en onbruikbare waterinnamepunten

Aan de kust speelt daarnaast nog het probleem van verzilting. Door zeespiegelstijging in combinatie met een lage afvoer van rivierwater bij droogte neemt het zoutgehalte in zoetwater landinwaarts toe, zoals in het Haringvliet in Zuid-Holland. Ook extreme regenval kan problemen veroorzaken, bijvoorbeeld doordat waterinnamepunten in overstroomde gebieden tijdelijk onbruikbaar zijn.

Kwetsbare leidingen door bodemdaling

Naast drinkwaterbronnen is ook de ondergrondse waterinfrastructuur kwetsbaar door klimaatverandering. Bodemdaling en snelle temperatuurschommelingen kunnen scheuren in het leidingnet veroorzaken. Door hittestress in steden warmen waterleidingen dicht bij het grondoppervlak op, waardoor bacteriegroei kan ontstaan.

3. Hoe spelen drinkwaterbedrijven proactief in op die uitdagingen?

Drinkwaterbedrijven spelen met diverse klimaatadaptieve maatregelen proactief in op deze uitdagingen. Een aantal voorbeelden:

Extra waterbuffer en minder zuiveringshandelingen

Het IJsselmeer is niet alleen de primaire bron is voor het Noord-Hollandse drinkwaterbedrijf PWN, maar wordt door verschillende drinkwaterbedrijven ook ingezet als waterbuffer bij lage afvoer van rivierwater. Ook aan de kwaliteitskant nemen drinkwaterbedrijven maatregelen. Zo zorgt Dunea met het creëren van biodiversiteit zoals vissen en planten voor goede waterkwaliteit in hun infiltratieplassen, waardoor minder zuiveringshandelingen nodig zijn. Evides bereidt een nieuw innamepompstation in de Biesbosch voor, dat sneller grotere hoeveelheden Maaswater kan innemen en alleen de beste waterkwaliteit binnenlaat.

Dunea zorgt met het creëren van biodiversiteit voor goede waterkwaliteit in infiltratieplassen

Oproep tot waterbesparing en inzet regenwater

Behalve aan de bronnenkant is ook in het watergebruik winst te halen. Verschillende drinkwaterbedrijven roepen, zeker bij droogte, actief op tot het zuinig zijn op het kraanwater. Inzet van regenwater biedt daarbij uitkomst. In het Limburgse Kerkrade werkt WML bij het project SUPERlocal samen met de gemeente aan een gesloten waterkringloop op wijkniveau, waarbij regenwateropvang en -gebruik centraal staan. In Rotterdam werken gemeente, Evides en andere partners samen aan de Urban Waterbuffer waarin regenwater wordt opgeslagen voor gebruik, zodat overlast wordt voorkomen en drinkwater wordt bespaard.

WML werkt in Kerkrade op wijkniveau aan een gesloten waterkringloop met regenwater

Actief stuwbeheer en duikerafsluiters
Om dalende grondwaterstanden zo snel mogelijk weer op peil te krijgen, nemen grondwaterbedrijven samen met waterschappen extra maatregelen, zoals actief stuwbeheer. Hiermee wordt water in een gebied vastgehouden in plaats van afgevoerd, zodat het de bodem kan inzakken. Als extra hulpmiddel deelde drinkwaterbedrijf Vitens begin dit jaar met Waterschap Rijn en IJssel duikerafsluiters uit aan landbouwers om ook water vast te houden in sloten.

Veilig stellen aanvullende voorraden
Voor waterzekerheid op lange termijn zijn drinkwaterbedrijven samen met provincies bezig met het veilig stellen van Aanvullende Strategische Voorraden (ASV’s). Daarmee wordt geanticipeerd op een toenemende watervraag door economische ontwikkelingen en bevolkingsgroei in combinatie met gevolgen van klimaatverandering. Deze ASV’s moeten al in een vroeg stadium worden aangewezen in verband met onderzoek naar de grondwaterkwaliteit, het verkrijgen van de benodigde vergunningen en toenemende concurrentie in de ondergrond van warmte- en energiewinning. Daarnaast gaan grondwaterbedrijven, zoals Vitens, met provincies in gesprek over hun onttrekkingsvergunningen om overschrijdingen in de toekomst te voorkomen.

Waterbedrijf Groningen heeft innamepunten opgehoogd en verplaatst buiten kades, zodat ze bij overstroming bruikbaar blijven

Ophogen innamepunten
Hoewel regen belangrijk is voor het aanvullen van watervoorraden, kan het in extreme mate ook een bedreiging vormen. In overstroomde gebieden lopen innamepunten onder, waardoor ze tijdelijk niet bruikbaar zijn. Daarom heeft Waterbedrijf Groningen (WBG) in samenwerking met Drents Landschap en de provincie hun innamepunten in natuurgebied Tusschenwater (Drenthe) opgehoogd en verplaatst buiten kades. Zo is in het gebied ruimte gemaakt voor natte natuur en waterberging, en blijven innamepunten bij overstroming bruikbaar.

Verplaatsing innamepunten en openzetten stuwen
Door de grote droogte afgelopen zomer was het zoutgehalte in oppervlaktewater langs de kust hoger dan normaal. Hoewel verzilting nog geen directe bedreiging vormt voor de drinkwaterproductie, heeft Evides samen met Waterschap Hollandse Delta en Rijkswaterstaat een aantal compenserende maatregelen genomen met oog op de toekomst. Zo verplaatste het drinkwaterbedrijf het innamepunt bij het Haringvliet oostwaarts. Ook op andere plekken worden preventieve maatregelen genomen tegen verzilting. Met het openzetten van stuwen tussen de Rijn en Lek zorgt Rijkswaterstaat ervoor dat er meer zoetwater wordt afgevoerd richting de wingebieden van Oasen en Dunea, waardoor zoutwater wordt verdrongen.

Door samen te werken wordt voorkomen dat warmtenetten te dicht bij drinkwaterleidingen komen te liggen

Samenwerking in de ondergrond
Tot slot wordt er ook geïnvesteerd in toekomstbestendigheid van het leidingnet. Door de energietransitie wordt het steeds drukker in de ondergrond. In verschillende steden werken drinkwaterbedrijven met gemeenten en andere netbeheerders samen in bijvoorbeeld het convenant ‘Samenwerken in de buitenruimte’ (Evides in Rotterdam) en ‘Samen aan de leiding’ (WBG in Groningen). Dankzij die samenwerking worden leidingnetten gezamenlijk vervangen of verlegd en wordt voorkomen dat nieuwe warmtenetten te dicht bij drinkwaterleidingen komen te liggen.

4. Wat zijn de belangrijkste landelijke kaders bij klimaatadaptatie?

Deltaplan Ruimte Adaptatie
Een van de landelijke kaders bij de uitvoer van klimaatadaptatie is het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie. Hierin staat onder meer hoe gemeenten met input van drinkwaterbedrijven stresstesten kunnen uitvoeren om te bepalen hoe klimaatbestendig een regio is. Welke maatregelen ze vervolgens treffen, wordt bepaald in regionale uitvoeragenda’s. Eind 2018 werd met de ondertekening van het Bestuursakkoord Klimaatadaptatie 600 miljoen euro beschikbaar gesteld voor uitvoer van maatregelen de komende jaren. Naar schatting kost het klimaatadaptief maken van alle steden in 2050 minimaal 42 miljard euro.

De Omgevingswet moet ervoor zorgen dat uitdagingen rond klimaatadaptatie op regionaal en lokaal niveau invulling krijgen

Omgevingswet
Bij het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie speelt ook de Omgevingswet een belangrijke rol. Deze wet, die in 2021 in werking treedt, vervangt een groot aantal huidige wetten over de leefomgeving, zoals de Waterwet en de Wet Ruimtelijke Ordening. De Omgevingswet moet ervoor zorgen dat uitdagingen rond klimaatadaptatie op regionaal en lokaal niveau invulling krijgen. Decentrale overheden zoals provincies, gemeenten en waterschappen brengen regelgeving en maatregelen bijeen in een omgevingsvisie, zodat de uitvoering van klimaatadaptatieprojecten eenvoudiger wordt.

Structuurvisie Ondergrond
Tot slot is ook de Structuurvisie Ondergrond (STRONG) van belang bij klimaatadaptatie. Met STRONG wil het Rijk huidige en toekomstige grondwaterbronnen beschermen, maar ook ruimte bieden voor ondergrondse activiteiten voor de energievoorziening. Om te zorgen voor een goede scheiding tussen beide belangen, is vanuit STRONG aan drinkwaterbedrijven gevraagd ASV’s aan te wijzen en goed beschermingsbeleid te formuleren. Mijnbouwactiviteiten, zoals geothermie, zijn in STRONG uitgesloten in bestaande beschermingsgebieden en boringvrije zones voor de drinkwatervoorziening.

Deel dit bericht

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *