Watervriendelijk bouwen: best practices en uitdagingen van een pilot in Haarlem
Bij watervriendelijk bouwen is aandacht voor beheer, opslag en hergebruik van water in en rond woningen of wijken. Dit kan een bijdrage leveren aan het verminderen van wateroverlast én drinkwatergebruik. In een pilot in Haarlem werken zes partijen samen aan de ontwikkeling van een ‘waterpositieve’ woonwijk. Het bundelen van krachten onder begeleiding van een externe procesleider zorgt ervoor dat de partijen vanuit een gezamenlijk doel werken. Tegelijkertijd legt de pilot uitdagingen bloot, zoals het financieren van dit soort innovatieve projecten.
Volg de laatste ontwikkelingen via onze LinkedIn pagina.
Watervriendelijk bouwen in het kort:
- Doel: een wijk waterpositief inrichten en watervriendelijk bouwen verkennen
- Hoe: ruimte bieden voor opvang en (her)gebruik van regenwater en grijs water
- Meerwaarde: minder wateroverlast en beperking drinkwatergebruik
- Betrokken partijen: PWN, gemeente Haarlem, provincie Noord-Holland, woningcorporatie Ymere, het Hoogheemraadschap van Rijnland en de Nederlandse Waterschapsbank
- Uitdaging: financiering vinden voor innovatieve watersystemen
Woningbouwopgave biedt kansen op watervriendelijk bouwen
De woningbouwopgave is niet alleen een uitdaging, maar brengt ook kansen met zich mee. Bijvoorbeeld als het gaat om watervriendelijk bouwen. Met waterbesparend sanitair, het opvangen en gebruik van regenwater en circulaire watersystemen kunnen per huishouden flink wat liters drinkwater worden bespaard. Wanneer er meer water wordt opgevangen dan gebruikt, is er zelfs sprake van waterpositief bouwen.
In dit artikel lees je hoe je als gemeente watervriendelijk bouwen kunt stimuleren.
Watervriendelijke woonwijk Haarlem
Op de plek waar nu nog een voormalig praktijkschool met tijdelijke voorzieningen staat, zal de komende jaren een waterpositieve woonwijk met 200 woningen worden ontwikkeld. Sandra van Mierlo, procesmanager bij de gemeente Haarlem, legt uit wat dat concreet inhoudt. “Op de Korte Verspronckweg gaan we ruimte bieden aan waterberging en -hergebruik. Dat betekent dat we kijken naar maatregelen voor hemelwaterbuffering en systemen waarbij we regenwater en grijswater kunnen inzetten in en rond woningen en de naastgelegen school.”

Initiatief samenwerking
Het zaadje voor de plannen werd geplant door woningcorporatie Ymere. Projectontwikkelaar Kai van Hasselt vertelt hoe het idee ontstond. “Onze bestuurder Marike Bonhof was voorheen CFO van drinkwaterbedrijf Vitens. In een speech in 2024 benadrukte ze dat we naast een opgave voor sociale woningbouw ook een opgave hebben om klimaatadaptief en waterzuinig te bouwen. Ik werkte vanuit Ymere al mee aan de ontwikkeling van dit gebied in Haarlem. Het leek me een passende locatie voor een testcase om woningbouw te integreren met waterbesparing en klimaatadaptatie.”
Vervolgens zocht Ymere de samenwerking met de gemeente Haarlem, de Nederlandse Waterschapsbank (NWB), drinkwaterbedrijf PWN, provincie Noord-Holland en het Hoogheemraadschap van Rijnland. Van Hasselt: “De NWB kijkt mee naar mogelijkheden voor financiering, omdat zij zowel aan woningcorporaties, drinkwaterbedrijven als aan waterschappen lenen. Als die drie partijen samenwerken bij projecten op het gebied van bijvoorbeeld klimaatadaptatie, daalt het risico op de portefeuilleleningen.”
Meerwaarde voor gebied
Hoewel de partijen enthousiast waren, had de gemeente nog wel vragen over ambities, vertelt Van Mierlo. “We doen al veel op het gebied van water en klimaat. In onze gemeentelijke Hemelwaterverordening stellen we hoge eisen wateropvang. We vroegen ons af of het waterpositief inrichten van een wijk niet te kostbaar of ingewikkeld zou worden. Toch hebben we ons aangesloten. Met name vanwege de toekomstige klimaatverandering en onze verantwoordelijkheid om te zorgen voor droge voeten en een duurzame drinkwatervoorziening.”
Leren en pionieren
Als drinkwaterbedrijf brengt PWN onder meer kennis in over het stimuleren van bewust drinkwatergebruik, zegt Annika Gillissen, beleidsadviseur bij PWN. “De kwantiteit van onze bronnen staat niet direct onder druk, maar de kwaliteit ervan wel. Elke niet geproduceerde druppel drinkwater scheelt grondstoffen en energie. Als drinkwaterbedrijf willen we graag leren en pionieren op het gebied van duurzaam watergebruik, ook met oog op de langere termijn. Het liefst met andere partijen. Daar zit voor ons de grote meerwaarde van dit project.”
“Elke niet geproduceerde druppel drinkwater scheelt grondstoffen en energie”
Zorg voor een externe procesbegeleider
Na bestuurlijke goedkeuring eind 2024 ging een projectgroep begin 2025 aan de slag met een verdere verkenning. Hiervoor stelden de partijen een externe procesleider aan. Volgens Marieke Kruitwagen, omgevingsmanager bij PWN, was deze persoon erg belangrijk voor het traject. “Omdat hij onafhankelijk was, kon hij alle belangen goed naast elkaar leggen. Dat is essentieel om goed te kunnen samenwerken en niet vanaf een eiland te werken. Bij de verkenning leerden we ook wat bij zulke gebiedsontwikkelingen ieders behoefte is en hoe het gebied in elkaar zit.”
Blijf op de hoogte via onze nieuwsbrief
Nog niet op deze schaal gedaan
Op 11 juli 2025 tekenden de partijen een intentieovereenkomst om met de pilot te starten. In de ogen van Van Hasselt is de pilot om meerdere redenen bijzonder te noemen. “In de eerste plaats vanwege de hoeveelheid partijen die betrokken is bij dit project. Daarnaast is de schaal uniek. Er zijn in Nederland wel meer initiatieven met watervriendelijk bouwen, maar niet voor 200 woningen. In Silvolde zijn bijvoorbeeld 28 watervriendelijke woningen neergezet en in Venhuizen 11 huizen met een grote hemelwaterbuffer. Wij zien de pilot in Haarlem als een soort tussenstap richting verdere schaalvergroting.”
Ambitieniveaus waterbesparing
Inmiddels hebben de partijen drie ambitieniveaus vastgesteld waarop de nieuwbouw kan worden ontwikkeld. Kruitwagen: “De niveaus onderscheiden zich door de mate waarin regenwater wordt opgevangen en drinkwater kan worden bespaard. Bij het laagste niveau, waar vooral aandacht is voor gebruik van waterbesparend sanitair, komen we uit op 100 liter drinkwater per persoon per dag. Dat is al zo’n 20 liter minder dan we nu gemiddeld gebruiken. Het meest ambitieuze niveau richt zich ook op hergebruik van grijswater, gezuiverd afvalwater van bijvoorbeeld de douche. Daarmee kun je het drinkwatergebruik beperken tot 50 liter per persoon per dag.”
Hergebruik binnenshuis complex
Maar het realiseren van deze hoge ambities is niet zo eenvoudig, zegt Gillissen. “Opvang en gebruik van regenwater voor gebruik buitenshuis, zoals het bewateren van de tuin, kan met relatief laagdrempelige ingrepen. Maar het inzetten van regen- en grijswater binnenshuis is veel complexer. Je moet bijvoorbeeld een extra leidingstelsel en buffer aanleggen. Dat neemt niet alleen ruimte in beslag, maar je moet ook garanderen dat huishoudwater op geen enkele manier in contact kan komen met drinkwater.”
Ook gedrag van inwoners vraagt aandacht, vervolgt Gillissen. “Ze mogen bij grijswatersystemen bijvoorbeeld geen heftige schoonmaakmiddelen meer gebruiken. Verder moet je zorgen voor goed beheer. We zitten echt nog in een leerfase waarbij nog niet genoeg beleids- en beheermaatregelen van kracht zijn om volksgezondheidsrisico’s goed af te dekken. De pilot biedt een mooie kans op dit soort obstakels verder te verkennen en ervaring op te doen met zaken als onderhoud en beheer.”
Uitdaging: meer financiering nodig
Een ander belangrijk aspect zijn de kosten. Systemen voor gebruik van regenwater of grijswater in woningen zijn behoorlijk duur, zegt Van Hasselt. “Per woning praat je over zo’n 10.000 euro extra. Maal 200 is dat zo’n 2 miljoen euro. Als woningcorporatie kunnen we dat niet alleen betalen. We hopen daarom op collectieve financiering voor dit soort klimaatadaptieve en drinkwaterbesparende maatregelen. Alleen is het stelsel daar nu niet op ingericht.”
Daarmee doelt Van Hasselt op een aantal beperkingen voor (semi)overheden om dit soort projecten te kunnen meefinancieren. Zo mag een hoogheemraadschap niet meebetalen aan maatregelen voor eisen die het zelf heeft gesteld, zoals waterberging. Vanuit de Drinkwaterwet mag een drinkwaterbedrijf niet of nauwelijks meefinancieren aan zaken die buiten hun primaire taken vallen: het produceren en distribueren van drinkwater. Verder voelen partijen zich geremd bij te dragen aan een individueel project, omdat dit een precedent schept voor andere projecten.
Oproep: bied financieringsruimte voor dit soort pilots
Van Hasselt hoopt dat regelgeving meer ruimte gaat bieden om forse drinkwaterambities, zoals in de pilot, beter financierbaar te maken. “Daarover voeren we nu bijvoorbeeld gesprekken met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Maar we doen ook een oproep aan overheden om bijvoorbeeld via R&D-potjes mee te financieren. Wat we in Haarlem doen, is ontzettend innovatief, zeker op deze schaal. Als we meer geld beschikbaar hebben, kunnen we net die extra maatregelen nemen voor drinkwaterbesparing en nieuwe stappen zetten bij de opschaling hiervan.”
Gemeente betaalt mee
De wethouder van de gemeente Haarlem heeft al aangegeven dat de gemeente zich gaat inzetten om een financiële bijdrage te leveren. Hiermee heeft hij volgens Van Mierlo een stap voorwaarts gedaan. “Het is niet vanzelfsprekend dat we dit als gemeente doen. Maar we zien dit echt als een kans om de ontwikkeling van waterpositief bouwen te stimuleren. We vinden het ontzettend belangrijk dat dit soort initiatieven de ruimte krijgen om hun meerwaarde te laten zien.”
“Met wat minder kostbare maatregelen kunnen we ook al impact creëren”
No-regret-maatregelen
Gillissen benadrukt dat er ook zonder de extra miljoenen mooie dingen gerealiseerd kunnen worden. “Met wat minder kostbare maatregelen kunnen we ook al impact creëren. We gaan bijvoorbeeld meer groen aanleggen boven de drinkwaterleidingen en water zichtbaarder maken in de wijk om bewustwording te vergroten. Zelf zou ik het al heel mooi vinden als het lukt om waterbesparend sanitair aan te brengen. Dat is een no-regret-maatregel die nu niet standaard wordt toegepast in de nieuwbouw.”
Meerwaarde samenwerken: hetzelfde doel voor ogen
In de zomer van 2026 hopen de partijen duidelijk te hebben hoeveel financiering er precies beschikbaar is voor de aanbesteding. Maar welk ambitieniveau er uiteindelijk ook wordt gerealiseerd, volgens Van Mierlo heeft de samenwerking nu al veel teweeg gebracht. “De voornaamste winst zit in het gezamenlijk werken aan een opgave. Vanaf dag 1 hebben we hetzelfde doel voor ogen: het gebied waterpositief maken. Ondanks dat er nog hordes genomen moeten worden op financieel, bestuurlijk en technisch vlak heb ik er veel vertrouwen in dat er over een paar jaar iets moois staat.”