Hoe Waternet in Amsterdam werkt aan duurzaam hergebruik van afvalwater

Op verschillende plekken in Amsterdam komt zogeheten nieuwe sanitatie. Hierbij scheidt Waternet het afvalwater bij de bron voor duurzaam hergebruik. Ook bespaart het systeem drinkwater. Jan Peter van der Hoek, hoogleraar drinkwatervoorziening en directeur innovatie bij Waternet: “Als de pilot slaagt, kunnen we dit mogelijk op veel grotere schaal toepassen.”

Hoofdafbeelding: Woningen in de wijk Buiksloterham in Amsterdam, waar nieuwe sanitatie is aangelegd. 

Jan Peter van der Hoek is hoogleraar drinkwatervoorziening aan de TU Delft. Daarnaast is hij directeur innovatie van Waternet. Hij houdt zich bezig met duurzame watertoepassingen en hergebruik.

Nieuwe sanitatie is een manier om afvalwater in te zamelen en te verwerken. Dat wordt hierbij meteen gescheiden nadat het de afvoer is ingegaan, en zo dicht mogelijk bij deze plek weer verwerkt. In deze nieuwe methode is afvalwater geen afvalstof, maar een grondstof.

Waardevolle grondstoffen uit afvalwater hergebruiken

“Door het afvalwater bij de bron te scheiden, kunnen we waardevolle grondstoffen die erin zitten op een duurzame manier hergebruiken,” zegt Jan Peter van der Hoek. De hoogleraar drinkwatervoorziening aan de TU Delft is als directeur innovatie van Waternet betrokken bij twee nieuwe sanitatie-projecten in de stad.

Hoe Waternet het afvalwater verwerkt, hangt af van het type: grijs of zwart water. Grijs water is al het huishoudelijk afvalwater, zoals water uit de gootsteen. Het afvalwater dat afkomstig is van het toilet noemen we zwart water.

Een van de grondstoffen uit grijs water – dat gemiddeld 25 graden is – is warmte. “Uit de wasmachine en douche komt warm water, dat kun je goed voor thermische energie gebruiken om bijvoorbeeld huizen te verwarmen”, legt Van der Hoek uit. Uit zwart water kunnen nutriënten en organische stoffen worden teruggewonnen. Deze stoffen kunnen worden ingezet voor bemesting en bodemverbetering.

Nieuwe sanitatie in eerste wijk Buiksloterham

Een Amsterdamse wijk waar de nieuwe sanitatie voor zwart water al in gebruik is, is Buiksloterham. In de nieuwe, kleine wijk wint het waterbedrijf voor een paar honderd woningen uit zwart water grondstoffen en energie. “Deze nieuwe sanitatie is een keuze van de bewoners zelf geweest, dan neemt het slagingspercentage van zo’n systeem toe,” zegt Van der Hoek over het project.

In de huizen wordt de wc-afvoer gescheiden van het huishoudelijke afvalwater. Voor het zwarte water hebben de bewoners vacuümtoiletten, die met slechts één liter water de ontlasting wegzuigen – een regulier toilet gebruikt ongeveer acht liter. Het zwarte water wordt apart met een vacuümsysteem ingezameld, nutriënten worden eruit gehaald en er vindt biovergisting plaats. De warmte en elektriciteit die daarbij vrijkomt, gebruikt Waternet onder andere om de zuivering energieneutraal te laten draaien. Ook hoeft Waternet het rioolwater niet meer naar de haven te pompen, wat ook energie kost.

Naar verwachting zal het drinkwaterbedrijf eind dit jaar een drijvend grondstofstation in het kanaal bij de wijk plaatsen. De woningen worden dan op het systeem aangesloten.

Nieuwe sanitatie past bij nieuwe blik op watervoorziening

De nieuwe sanitatie past in de oproep van de drinkwaterbedrijven voor een verduurzamingsslag van het watersysteem, onder meer door in te zetten op waterbesparing. Door de vacuümtoiletten neemt het waterverbruik af. Van der Hoek maakt een rekensom. “Het drinkwatergebruik is momenteel zo’n 120 liter per persoon per dag. De toiletspoeling beslaat daarvan zo’n 34 liter.” Met een vacuümtoilet daalt het watergebruik naar 4 a 5 liter, dat bespaart dus bijna 30 liter per persoon per dag. “Dat is dus een substantiële daling!”

Nieuwe sanitatie sluit daarnaast aan bij de ambities van Nederland voor een circulaire economie in 2050, waarin grondstoffen zoveel mogelijk worden hergebruikt. In het verleden was de waterketen in Nederland vooral gericht om verontreinigingen te reduceren, maar de nadruk is steeds meer gaan liggen op verwerking en hergebruik.

‘Bij het ontwikkelen van zo’n systeem kijken we ook naar het comfort voor een bewoner’

Toekomstige Strandeiland als grote pilot

Waternet onderzoekt of de nieuwe sanitatie, zoals in Buiksloterham, ook succesvol is bij een wijk met meer inwoners. De toekomstige wijk Strandeiland op IJburg, straks het vijfde opgespoten eiland van de stad, is aangewezen voor een pilot. Het wordt de eerste grote Amsterdamse wijk (8000 woningen) met nieuwe sanitatie voor zowel grijs als zwart water. Naar verwachting verhuizen in 2024 de eerste bewoners naar de nieuwe wijk.

Bij succes ook op grotere schaal

Van der Hoek: “Strandeiland is veel groter dan Buiksloterham. Deze bewoners hebben niet bewust gekozen voor nieuw sanitatie of duurzamer wonen, zoals in Buiksloterham. Dat vraagt dus om een bepaalde bereidheid van de burger. Dat kun je van te voren niet helemaal calculeren. Maar als dit project slaagt, dan zouden we dit ook op grotere schaal verder in Amsterdam kunnen toepassen.”

Bewoners behouden comfort

Voor bewoners is de nieuwe sanitatie “misschien even wennen”, maar verder goed praktisch uitvoerbaar. Van der Hoek: “Bij het ontwikkelen van zo’n systeem kijken we ook naar het comfort voor een bewoner. Daar is bij nieuwe sanitatie niet op ingeleverd.” Wel was een struikelblok bij de vacuüm toiletten het geluid van het doortrekken, erkent Van der Hoek. “Een normale wc maakt ook herrie, maar het geluid van het vacuümtoilet is voor ons wel een punt van overweging geweest.”

Nieuwe sanitatie vooral voor nieuwbouw

Deze nieuwe vorm van sanitatie is overigens alleen geschikt voor nieuwbouwprojecten, volgens Van der Hoek. “De nieuwe sanitatie is nier duurder dan de traditionele, maar wel als we de bestaande infrastructuur daarop gaan aanpassen.” Door de nieuwe systemen ontstaat er een complexe hybridestructuur in de stad. “Straks hebben we alles door elkaar in de stad. De traditionele afvalwatervoorziening, de nieuwe sanitatie en allerlei warmtesystemen. Het wordt drukker in de grond en dat maakt het complex.”

‘In de praktijk zie je pas of zo’n grote pilot ook echt slaagt’

Voorlopig nog meerdere systemen

Hoe ziet de hoogleraar die systemen in de toekomst? Van der Hoek: “Daar lopen de meningen over uiteen, maar de komende vijftig jaar zie ik deze systemen nog wel naast elkaar bestaan. De belangrijkste reden is dat je voor bestaande bouw maar geleidelijk aan deze nieuwe sanitatie kunt doorvoeren en dan nog is het lastig, want vaak ligt de keus bij de eigenaren van de woning.”

Drinkwater blijft centraal geregeld

Van der Hoek benadrukt dat het beleid van Waternet nog steeds niet is gericht op het decentraliseren van drinkwater, oftewel: in kleine eigen projecten zelf drinkwater maken. “De drinkwatervoorziening regelen we centraal, want de drinkwaterkwaliteit waarborgen is een noodzaak. Een misstap heeft enorme gevolgen voor de volksgezondheid.” Decentraliseren van drinkwater heeft vooral nadelen, volgens Van der Hoek. “Het is niet goedkoper, niet duurzamer en je hebt weinig controle. De drinkwaterwet laat het ook niet toe.”

De praktijk gaat slagingskans uitwijzen

Het toepassen van nieuwe sanitatie op grote schaal is nieuw, daarom weten we niet zeker of het lukt, erkent Van der Hoek. Waternet zorgt er dus voor dat de huizen bij nood ook op de centrale voorziening aangesloten kunnen worden. Van der Hoek: “We hebben een uitgebreide risicoanalyse gedaan en die was zeer gunstig, maar uiteindelijk zie je in de praktijk pas of zo’n grote pilot ook echt slaagt. En is dat het geval? Dan maken we grote stappen voorwaarts naar duurzamer hergebruik van water.”

Deel dit bericht

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *