De Toekomstvisie gewasbescherming 2030: 5 vragen

Voor drinkwaterbedrijven is reductie van gewasbeschermingsmiddelen cruciaal. Het gif komt in water terecht die voor bronnen wordt gebruikt. Nederland wil in 2030 vrijwel geen emissies van bestrijdingsmiddelen meer, zo staat in de Toekomstvisie gewasbescherming 2030. Wat houdt deze visie in en hoe gaan we die ambitie halen?

Toekomstvisie gewasbescherming 2030

Hoofdafbeelding: Ook aardappeltelers gebruiken gewasbeschermingsmiddelen om de gewassen te beschermen.

1. Wat is de Toekomstvisie gewasbescherming 2030?

De Toekomstvisie gewasbescherming 2030 is een gemeenschappelijke visie van de Rijksoverheid en belangrijke stakeholders. In totaal doen tien partijen meer uit de watersector, fytofarmacie (gewasbescherming), land- en tuinbouw en natuur- en milieubescherming. Ook Vewin, de branchevereniging van de drinkwaterbedrijven, is hierbij betrokken.

De partijen streven in 2030 voor de land- en tuinbouw naar een duurzame productie met weerbare planten en teeltsystemen. Hierdoor reduceert de kans op ziekten en plagen onder de gewassen. Bovendien willen de partijen zo min mogelijk gebruik van gewasbeschermingsmiddelen, waardoor de natuur beter in balans is. Het doel voor 2030 is zelfs: vrijwel geen emissies van bestrijdingsmiddelen meer.

De toekomstvisie bouwt voort op al vastgelegd overheidsbeleid, zoals de Kaderrichtlijn Water. Deze richtlijn is opgesteld om de kwaliteit van oppervlaktewater te waarborgen. In de toekomstvisie voor de land- en tuinbouw ligt de nadruk specifiek op de duurzame productie van gewassen.

 

2. Waarom is deze visie opgesteld?

De maatschappelijke en politieke zorgen over het gebruik van bestrijdingsmiddelen is de afgelopen jaren toegenomen. Wetenschappelijke onderzoeken leiden tot steeds meer kennis over de werking en gevolgen van deze middelen op mensen, dieren en het milieu.

Met de kennis van nu staat Nederland voor een grote uitdaging: alle betrokken partijen van de toekomstvisie zien de noodzaak voor een transitie binnen het land- en tuinbouwbeleid. Bovendien wil Nederland toonaangevend zijn op het gebied van duurzame gewasbescherming binnen Europa.

 

3. Waarom is deze Toekomstvisie Gewasbescherming 2030 belangrijk voor ons drinkwater?

Voor drinkwaterbedrijven is de reductie van bestrijdingsmiddelen essentieel. Hevige regenbuien zorgen ervoor dat deze stoffen op de gewassen in de sloten belanden. Deze sloten en beken monden vaak uit in rivieren, waar sommige drinkwaterbedrijven ook water oppompen om drinkwater van te maken. Hoe schoner deze bronnen al zijn, hoe minder zuiveringen er nodig zijn om aan de hoge kwaliteitseisen van ons drinkwater te voldoen. Ook is in de Kaderrichtlijn Water opgenomen dat de zuiveringsinspanning van drinkwaterbedrijven niet mag toenemen. De verontreiniging in het water mag dus niet toenemen.

De drinkwatersector wil daarom een daadkrachtige uitvoering van de toekomstvisie, waarbij de nadruk ligt op de bescherming van de drinkwaterbronnen. Ook is voldoende toezicht en handhaving essentieel om de ambities van deze visie te halen.

Eind november 2020 besloot het Gerechtshof in Den Haag dat het juridisch weer is toegestaan om professioneel bestrijdingsmiddelen toe te passen buiten de landbouw. Deze uitspraak staat haaks op de ambitie van de Toekomstvisie Gewasbescherming 2030. Branchevereniging Vewin van de drinkwaterbedrijven wil daarom dat de overheid actie onderneemt om dit verbod in de wet op te nemen.

 

4. Wat zijn belangrijkste doelen van de Toekomstvisie gewasbescherming 2030?

In de toekomstvisie komen drie belangrijke strategische doelen aan bod:

  1. Plant- en teeltsystemen zijn weerbaar

Het doel is om gewassen weerbaarder te maken tegen ziekten en plagen, omdat zo minder gif nodig is om de gewassen te beschermen. Vanwege de toegenomen kennis over bestrijdingsmiddelen mogen boeren steeds minder soorten van deze middelen gebruiken. Hierdoor neemt de kans op resistentie toe. Een van de maatregelen is om aan plantenrassen met genetische technieken resistente eigenschappen tegen ziekten en plagen toe te voegen.

  1. Land- en tuinbouw en natuur zijn met elkaar verbonden

De natuur kan een bijdrage leveren aan een weerbaarder planten- en teeltsysteem. Dat betekent in de praktijk dat op land- en tuinbouwgrond steeds gekeken moet worden hoe de natuur de percelen kan ondersteunen. Bijvoorbeeld door: natuurlijke beplanting, bufferzones of het creëren van een goed leefgebied voor planten en dieren.

  1. Nagenoeg zonder emissies naar het milieu en nagenoeg zonder residuen op producten

Nederland wil het aandeel emissie van gewasbeschermingsmiddelen reduceren tot vrijwel niets. Dit strategische doel kan alleen behaald worden als ook bovenstaande doelen worden nagestreefd. Mocht er in de toekomst dan toch nog gewasbeschermingsmiddelen nodig zijn, dan is de afspraak gebruik te maken van innovatieve technieken, waarbij zo min mogelijk gif de sloten of bodem in kan komen.

 

5. Hoe gaan de betrokken partijen deze ambities halen?

Bij de Toekomstvisie Gewasbescherming 2030 is ook een uitvoeringsprogramma opgesteld. De betrokken partijen willen meer onderzoek voor plantgezondheid en weerbare teeltsystemen. Dat doen ze door nieuwe initiatieven, pilotprojecten en onderzoeken op te zetten en de huidige de evalueren en waar mogelijk anders in te richten.

Branchevereniging Vewin is onder meer verantwoordelijk voor het stimuleren van emissiebeperkende maatregelen die een positief effect hebben op het drinkwater. Dit zijn oplossingen die agrarische ondernemers kunnen uitvoeren, zodat bestrijdingsmiddelen minder snel met drinkwaterbronnen mengen. Lees alle actiepunten in het Uitvoeringsprogramma Toekomstvisie gewasbescherming 2030

Veel provincies, waterschappen en drinkwaterbedrijven werken al samen om de waterkwaliteit in specifieke gebieden te verbeteren. Zo probeert Waterbedrijf Groningen samen boeren en betrokken partijen om perceelsemissie in de Drentsche Aa terug te dringen. Lees ook: Boeren rond Drentsche Aa werken samen aan reductie perceelsemissie.

Deel dit bericht

Comments 1

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *