Gesloten bodemenergiesystemen nemen een hoge vlucht: zorgen bij drinkwatersector

Door de energietransitie wordt het steeds drukker in de Nederlandse ondergrond. Zo neemt het aantal gesloten bodemenergiesystemen flink toe. Drinkwaterbedrijven uiten hun zorgen over de risico’s voor de drinkwaterwinning.

Hoofdafbeelding: Het waterwingebied in Maarssen (provincie Utrecht) van Vitens.

Mirjam van Roode is adviseur strategisch omgevingsmanagement bij WML. Zij monitort omgevingsontwikkelingen, brengt het drinkwaterbelang bij externe partijen onder de aandacht en benut kansen om dit belang samen met andere stakeholders te behartigen.

Roger Hoofs adviseert voor WML over de bescherming van de grond- en oppervlaktewaterbronnen voor de drinkwatervoorziening. Zijn aandachtsvelden liggen vooral bij ontwikkelingen in beleid en regelgeving, ruimtelijke ontwikkelingen en de waterketensamenwerking, zodat ook voor de lange termijn voldoende drinkwater beschikbaar blijft.

 

Sylvie Meijer is omgevingsmanager voor Vitens. Ze vertegenwoordigt het drinkwaterbedrijf bij overleggen met overheden en (belangen)organisaties over ruimtelijk beleid en milieubeleid.

Het aantal gesloten bodemenergiesystemen neemt door de energietransitie een hoge vlucht. Bij deze systemen vindt de warmte- en koude-uitwisseling met het grondwater plaats in een gesloten buizenstelstel in de ondergrond. Bij een gesloten bodemenergiesysteem wordt geen grondwater verplaatst, in tegenstelling tot een open systeem (WKO). Aan zowel open als gesloten sytemen kleven risico’s voor de drinkwatervoorziening.

Verontreinigingen verplaatsen bij grondwater

Bij de aanleg van de gesloten systemen kunnen verontreinigingen in het grondwater zich verplaatsen. Dat kan gebeuren als gescheiden bodemlagen verstoord raken door de boring, zegt Sylvie Meijer, omgevingsmanager van drinkwaterbedrijf Vitens. Ook bij de operatiefase en de ontmanteling kan het misgaan. “Hierbij kan lekkage ontstaan, waarbij het mogelijk is dat de vulvloeistof, meestal glycol, zich met het grondwater mengt. Deze stof is schadelijk. Risico’s zouden al verminderen als bijvoorbeeld water of minder schadelijke vulvloeistof zou worden gebruikt.”

Geen landelijk overzicht van gesloten bodemenergiesytemen

Veel gesloten bodemenergiesystemen zijn nog onder de radar. Met alle gevolgen van dien. “Onze grootste zorg is dat de drinkwaterbronnen verontreinigd raken,” zegt Mirjam van Roode, adviseur strategisch omgevingsmanagement bij het Limburgse drinkwaterbedrijf WML. “We vrezen een wildgroei aan systemen, want er is te weinig zicht op waar de systemen zijn. Dan is het ook moeilijk handhaven. Bovendien kun je met een simpele melding al gaan boren.” Meijer vult aan: “Een centrale registratie van deze systemen is hiervoor echt noodzakelijk. En wat doen we straks met oude systemen die niet meer gebruikt worden? Worden deze ook zorgvuldig ontmanteld en afgedicht?”

‘Op deze manier neemt de waterkwaliteit langzaam af’

Zorgen om vergrijzing

Door de toename van het aantal systemen is er een grotere kans op zogeheten vergrijzing van het grondwater. “De bodem raakt langzaam maar zeker steeds meer verontreinigd,” volgens Van Roode. Hoe meer activiteiten in de bodem, hoe groter de kans op vergrijzing. “Water stroomt en kan zich naar een grondwaterbeschermingsgebied verplaatsen.” Dat gaat heel geleidelijk, vult Roger Hoofs aan, adviseur zekerstelling grondstof en winning bij WML. “Op deze manier neemt de waterkwaliteit langzaam af. En we willen vanuit de Kader Richtlijn Water juist dat het schoner wordt.”

Niet naleven van regels

De zorgen om de vergrijzing zijn gegrond. Uit een onderzoek van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) blijkt dat vooral bij de aanleg van gesloten bodemenergiesystemen de regels bewust niet worden opgevolgd. “Dit gaat dan om bijvoorbeeld niet-gecertificeerde bedrijven,” licht Meijer toe. Toezicht en handhaving ligt bij de provincies, maar dat kan volgens Hoofs beter. “Soms blijken boringen gemaakt binnen beschermingszones, maar voor de provincie is het een lastige keuze om deze ook daadwerkelijk stop te zetten. Het gaat dan immers om het stopzetten van een bijdrage aan de energietransitie.”

Vechten om ruimte in de ondergrond

Door de toename van de systemen is het steeds meer “vechten om ruimte in de ondergrond”. Van Roode benadrukt dat de drinkwatersector niet tegen bodemenergiesystemen is. “Maar de risico’s moeten goed in beeld worden gebracht, waarbij vervuiling van het grondwater voorkomen moet worden vanuit het voorzorgsprincipe. En de regelgeving hiervoor moet zichtbaarder worden, met meer toezicht op de naleving hiervan.” Meijer vult aan: “Mét meer aandacht voor de intrekgebieden.” Een intrekgebied is het gebied rond de bron van het grondwater. De uitsluiting die geldt voor grondwaterbeschermingsgebieden, zou bijvoorbeeld verbreed kunnen worden naar alle gebieden voor de drinkwatervoorziening.

Provincie en gemeenten opereren nog te veel afzonderlijk

Meldingen komen bij de gemeente binnen, maar de provincie heeft de taak om het grondwater te beschermen. Volgens Vitens en WML zouden gemeenten en provincie voor een eenduidiger beleid meer om de tafel moeten zitten, want beide partijen werken nog te veel vanuit hun eigen perspectief. Hoofs: “De provincie heeft de regels wel duidelijk opgesteld, maar het is de gemeente die ze uiteindelijk moet toepassen bij hun besluitvorming. Daar valt nog winst te behalen en dat blijven we agenderen.”

‘Er is beperkt aandacht voor de gesloten systemen, ondanks de forse groei’

Gemeenten niet altijd op de hoogte

Gemeenten hebben steeds meer bevoegdheden gekregen voor ontwikkelingen binnen hun gemeenten. Daar horen bodemenergiesystemen ook bij. Dat neemt straks met de komst van de Omgevingswet alleen maar toe. Daar schuilt een gevaar. “Er is beperkt aandacht voor de gesloten systemen, ondanks de forse groei. En de aandacht die er is, is vooral gericht op geothermie,” zegt Meijer. Geothermie is aardwarmte uit de ondergrond vanaf vijfhonderd meter diep. Bovendien ziet Van Roode dat de drinkwatersector in afstemming over gesloten bodemenergie nog weleens wordt vergeten. “We zijn dan wel ketenpartner, maar voor sommige partijen is onze aanwezigheid helaas nog steeds niet vanzelfsprekend.”

Aandacht voor water in alle beleidsvelden

Hoofs ziet wel dat op landelijk niveau het drinkwaterbelang bij steeds meer bestuurders onder de aandacht komt. “Daar heeft branchevereniging Vewin voor een groot deel aan bijgedragen.” Maar soms is lokaal de bewustwording nog niet overal goed op het netvlies, ziet Hoofs. “Het is lastig voor een ‘waterambtenaar’ om het waterdossier bij andere afdelingen onder de aandacht te krijgen, in dit geval afdelingen die gaan over energietransitie en bodemenergiesystemen.”

Kansen voor gemeenten

Bij gemeenten ziet Hoofs ook kansen. “Niet in elke gemeente ligt een beschermingszone. Deze gemeenten hebben daardoor meer mogelijkheden om in de ondergrond invulling te geven aan de energietransitie dan gemeenten waarbinnen beperkingen gelden vanwege grondwaterbescherming. Wellicht kunnen gemeenten zonder of met weinig beperkingen iets betekenen op het gebied van energietransitie voor gemeenten met veel beperkingen.” Zo kunnen gemeenten onderling kijken of ze in beide maatschappelijke opgaven iets voor elkaar kunnen betekenen.

Volgens Van Roode zijn de beschermingsgebieden in Zuid Limburg ook relatief groot. “Dat komt door de kalksteenondergrond. En met twee grote boringsvrije zones in Noord en Midden Limburg liggen in een groot deel van de provincie Limburg beperkingen voor de invulling van de energietransitie vanuit de ondergrond, vanwege grondwaterbescherming. Dat daar een grote uitdaging ligt, snappen we ook heel goed.”

Duidelijke functiescheiding

De drinkwatersector is voor een duidelijke functiescheiding van gebieden voor de drinkwatervoorziening en voor bodemenergie, benadrukken de waterexperts van Vitens en WML. Hoofs: “We werken vanuit een voorzorgsprincipe, want bij verontreinigingen is er nog maar weinig ruimte om een winning te verplaatsen. We hopen dat daarom het belang van schone drinkwaterbronnen goed wordt meegenomen in de belangenafweging van de verschillende overheden.”

Bescherm de gebieden die we nu en straks nodig hebben

Hoofs vervolgt: “Onze drinkwaterbronnen zijn letterlijk en figuurlijk onzichtbaar. Voor veel mensen komt water als vanzelfsprekend uit de kraan, en veel van onze activiteiten zijn ondergronds. Maar door de ruimtelijke ontwikkelingen en activiteiten is er weinig plek over voor nieuwe winningen en bestaande winningen komen verder onder druk. We zitten met zijn allen op een postzegel, dat gaat soms goed en soms bijten de belangen elkaar. Dus moeten we beschermen wat we hebben en wat we in de toekomst ook nog hard nodig zullen hebben.”

Deel dit bericht

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *